U bent hier

Actuele verwachtingen waterstanden

Het water in de Nederlandse rivieren en delta is altijd in beweging. De hoeveelheid neerslag en smeltwater zorgen ervoor dat de waterstand in de rivieren stijgt of daalt en in de delta en langs de kust zijn het vooral stormen die de waterstanden bepalen. Op deze pagina met actuele verwachtingen schrijf ik iedere week onder de kop Water van de Week een prognose hoe de waterstanden zich op korte termijn ontwikkelen. Als de waterstanden in de rivieren sterk gaan stijgen en er zich een hoogwater ontwikkelt of als er een storm met hoogwater langs de kust op komst is, verschijnen de hoogwaterberichten met een hogere frequentie van eens in de 2 of 3 dagen. Naast de waterverwachtingen probeer ik ook iedere week een onderwerp wat verder uit te diepen in de rubriek Water Inzicht in het tweede deel van het wekelijkse waterbericht.

 

Verandering op komst, veel meer regen en stijgende waterstanden

Nadat december en januari vrij droog verliepen in de stroomgebieden, gaat februari de komende weken uit een ander vaatje tappen. Vanaf halverwege de komende week gaat er flink wat regen vallen en de waterstanden gaan later in de week daardoor omhoog. Een hoogwater is voorlopig nog niet in zicht, maar eindelijk wel weer waterstanden boven het langjarig gemiddelde. In het waterbericht leest u de details. In de rubriek water inzicht een korte terugblik op januari.

water van de week

Lagedrukgebieden dringen eindelijk weer door ot in de stroomgebieden

In de loop van de komende week gaat het weerpatroon op de schop. Het hogedrukgebied dat wekenlang boven het noorden en oosten van Europa lag, neemt in kracht af en schuift naar het oosten weg. Het lagedrukgebied dat al die tijd ten westen van Ierland lag, kan daardoor in beweging komen en schuift in de tweede helft van de komende week ten noorden van Nederland langs richting Scandinavië. De afgelopen dagen was de kracht van het hogedrukgebied al wat afgenomen waardoor de wind naar het zuiden kon draaien en zachtere lucht met zo nu en dan regen onze kant op kon komen. Heel veel regen viel er nog niet maar wel voldoende om de rivieren wat te laten stijgen.

De komende week wordt een ander verhaal want het lagedrukgebied dat ten noorden van ons passeert, legt de weg open voor volgende lagedrukgebieden die In de dagen daarna over onze omgeving naar het oosten gaan trekken. Ze brengen regen en In de Middelgebergten soms ook sneeuw, als de stroming achter zo'n lagedrukgebied even naar het noordwesten draait en (sneeuw)buien het continent op kunnen trekken. In de Middengebergten kan zich dan een laagje sneeuw vormen.

In het begin van de week na het volgend weekend is het nog onduidelijk of de lagedrukgebieden ten zuiden of ten noorden van Nederland langs zullen trekken en dat maakt uit voor de temperatuur: bij een zuidelijke koers komen wij in de wat koudere lucht en is er meer kans op sneeuw in de Middelgebergten, en bij een noordelijke koers blijven we in de zachte lucht. Voor de stroomgebieden betekenen al deze lagedrukgebieden dat er een nattere periode aanbreekt en dat de waterstanden voor het eerst deze winter naar wat hogere waarden kunnen stijgen.

Al die tijd dat het lagedrukgebied nabij Ierland lag, liep de baan van de lagedrukgebieden over het zuidwesten van Europa. Het zorgde vooral in het zuiden van Engeland, zuidwest Frankrijk, Portugal, Spanje en zelfs het noorden van Afrika voor een langdurige natte periode met uitzonderlijk veel regen. Lokaal viel meer dan een halve meter regen in soms maar een week tijd. Dit leidde uiteraard op veel plaatsen tot ongekended overstromingen. Het is niet bijzonder dat er in de winter in het Middellandse Zee gebied veel regen valt, maar deze situatie was toch wel uitzonderlijk. Zo'n standvastig weerpatroon, waarin wekenlang regengebied na regengebied over hetzelfde gebied trekt, wordt ook wel een atmosferische rivier genoemd. 

De komende week verschuift de baan van lagedrukgebieden langzaam naar het noorden en krijgen ook de stroomgebieden van Rijn en Maas ermee te maken. Het is op dit moment niet de verwachting dat de intensiteit zo hoog blijft, maar er kan wel aardig wat regen gaan vallen in de komende week tot 10 dagen. Op nog wat langere termijn lijkt het erop dat zich boven zuidwest Europa juist weer een hogedrukgebied kan ontwikkelen, waardoor de baan met neerslaggebieden nog wat verder naar het noorden schuift en ook de stroomgebieden waarschijnlijk weer met drogere omstandigheden te maken krijgen. Als dat inderdaad gebeurt dan hoeven we niet op heel hoge waterstanden te rekenen maar blijft het vooralsnog bij een flinke opleving vanwege de regen die de 10 dagen gaat vallen.

De eerste regen bereikt de stroomgebieden op dinsdag als een regengebied over Frankrijk naar Duitsland trekt. Woensdag komen ook België en Nederland binnen het bereik van de regen, maar de hoofdmoot valt toch ten zuiden van ons. Tot en met het volgend weekend kan er in het oosten van Frankrijk en het zuiden van Duitsland 50 tot 100 mm regen vallen. Meer naar het noorden, in de Ardennen en midden Duitsland blijft het bij 20 tot 50 mm en nog wat verder naar het noorden, in Nederland, valt nog wat minder. Op vrijdag en zaterdag draait de wind dan naar het noordwesten waarmee koelere lucht binnenstroomt en sneeuwbuien vooral de Ardennen, Sauerland en de Eiffel kunnen bereiken.

Na zaterdag volgen dan een paar wat drogere dagen, maar vanaf dinsdag 17/2 staan weer nieuwe regengebieden op het programma. In die periode zou ook Nederland met wat grotere hoeveelheden neerslag te maken kunnen krijgen. Volgens de huidige verwachting duurt deze volgende natte periode tot het eind van die week, totdat hoge druk boven Zuidwest Europa voor een overgang naar een rustiger en droger weertype zorgt. Dit is echter nog zover vooruit dat dit nog lang niet zeker is.

Rijn daalt eerst nog wat, vanaf vrijdag stijgend naar >11 meter rond 20 februari.

Na een klein golfje met een hoogste stand van 8,9 m NAP op maandag, zette de Rijn weer een daling in. Die bleef echter beperkt, omdat al in het begin van de week wat regen was gevallen in het stroomgebied die voldoende water opleverde voor een stabilisatie van de waterstand rond 8,7 m NAP. De afvoer tijdens het piekje bedroeg ca 1.900 m3/s, ruim onder het langjarig gemiddelde van ca 2.600 m3/s. Het extra water is nu op en daarom daalt de waterstand de komende dagen weer wat verder tot iets onder de 8,5 m NAP van woensdag 11/2 tot en met vrijdag 13/2, bij een afvoer van ca 1.600 m3/s.

Vrijdag komt dan het eerste water aan van de regen die vanaf dinsdag in het stroomgebied is gevallen. De stand gaat meteen flink omhoog en al op zaterdag wordt er 9 m overschreden, zondag 15/2 de 9,5 m en maandag de 10 m NAP. De afvoer is dan gestegen tot ca 2.750 m3/s en komt daarmee voor het eerst sinds begin december boven het langjarig gemiddelde uit. Ook daarna zet de stijging nog door omdat vanaf 17/2 er opnieuw enkele dagen met flink wat regen worden verwacht.

Op woensdag stijgt de waterstand boven de 11 m NAP uit (afvoer 3.500 m3/s) op weg naar een hoogste stand in de dagen daarna. Op grond van de huidige neerslagverwachting zou de piek uit kunnen komen op een waterstand tussen 11,5 en 12 m NAP op 19 of 20 februari. De afvoer bedraagt dan 4.000 tot 4.500 m3/s.

Volgens de huidige verwachting zou tegen die tijd een hogedrukgebied boven ZW-Europa voor een droger weertype kunnen gaan zorgen en als dat uitkomt, dan zou de waterstand daarna weer gaan dalen. Dit is echter nog ver vooruit en de verwachting voor die tijd kan daarom nog flink veranderen. Volgende week is hier meer over te zeggen en mochten er ondertussen andere ontwikkelingen zijn m.b.t. dit aankomende hoogwater, dan stuur ik een extra bericht.

Maas stijgt later deze week naar ca 500 – 700 m3/s, later nog hoger.

De Maas ontving deze week maar weinig neerslag en de afvoer bij Maastricht schommelde de hele week tussen de 200 en 225 m3/s. De eerste helft van de komende week komt daar nog weinig verandering in want tot en met dinsdag blijft het nog droog in het stroomgebied. Vanaf woensdag verandert dat als er een paar dagen met flink wat neerslag volgen die ook in de Ardennen enkele tientallen millimeters regen op gaan leveren. Op woensdag in de loop van de dag verwacht ik dat de afvoer gaat stijgen naar een hoogste stand op zaterdag 14/2 tussen de 500 en 700 m3/s.

Vanaf zaterdag volgen een paar wat drogere dagen zodat de afvoer weer wat zakt tot rond of iets onder de 500 m3/s op maandag 16/2. Vanaf dinsdag 17/2 gaat de afvoer opnieuw stijgen als die nieuwe regengebieden het stroomgebied bereiken. Mogelijk dat er aan het eind van de week daarvoor wat sneeuw in Ardennen was gevallen en bij de stijging die vanaf dinsdag 17/2 volgt, moeten we daar dan ook rekening mee houden.

Op dit moment is het nog onduidelijk hoeveel regen er precies gaat vallen in de dagen vanaf 17/2 en het is moeilijk om nu al een goede inschatting te geven van de afvoer die In de loop van die week bereikt kan gaan worden. De kans lijkt echter groot dat de 1000 m3/s in de tweede helft van die week overschreden zal worden en als er veel regen valt kan, in combinatie met wat smeltwater, ook de 1250 m3/s worden bereikt. Maar pas rond het volgend weekend als de neerslagverwachtingen voor die periode betrouwbaarder worden, is hier wat meer zekerheid over te geven.

Water Inzicht

Januari verliep droog met opvallend lage waterstanden

Het weer in januari werd gedomineerd door hogedrukgebieden waardoor neerslaggebieden vanaf de Atlantische Oceaan veel moeite hadden om uit het Europese continent te bereiken. In Nederland wil het met het droge weer nog wel mee omdat er In de eerste 10 dagen met een noordwestelijke stroming sneeuwbuien waren aangevoerd. In de rest van het stroomgebied viel veel minder neerslag en dat had zijn weerslag op de Rijnafvoer, die met een gemiddelde van 1.535 m3/s erg laag eindigde. Normaal voor januari is namelijk een afvoer van ca 2.800 m3/s, bijna twee keer zoveel.

Ook in de Alpen viel weinig neerslag en het sneeuwdek is er veel minder dik dan normaal. De afgelopen week was het er ook erg zacht, zodat op lagere hoogte het toch al niet zo uitgebreide sneeuwdek ook nog eens deels wegsmolt. Voor de Rijn is de hoeveelheid sneeuw die er in de winter valt pas van belang als in het voorjaar het smelten begint. Zoals het er nu uitziet, gaat dat niet zoveel voorstellen en zou de voorjaarsafvoer daardoor wel eens laag kunnen uitvallen. Maar er kan nog veel veranderen, want tot in april groeit het sneeuwdek gewoonlijk nog wel aan.

Met de lage afvoer eindigde januari dit jaar op de 16e plaats van onderen in de 126 jaar oude meetreeks. Gemiddeld komt dit dus eens in de ca 8 jaar voor. Zo lage afvoeren zijn dus al wel vaker opgetreden en er zijn zelfs jaren dat de gemiddelde afvoer In januari niet boven de 1000 m3/s uitkwam. De laatste keer met een erg lage afvoer was in 2017, maar verder is het een zeldzaamheid, want in de laatste 50 jaar is het met dit jaar erbij, maar 3 keer gebeurt, dat de afvoer zo laag was of lager. Dat betekent dat de kans nu afgenomen is tot ca eens in de 15 jaar. Wat dat betreft beleven we dus een bijzonder jaar.  

De gemiddelde afvoer van de Maas bedroeg 265 m3/s en dat is ook 55% van het langjarig gemiddelde, dat voor januari ca 515 m3/s bedraagt. Vorig jaar was januari juist vrij nat en bedroeg de gemiddelde maandafvoer nog ruim 875 m3/s. Bij de Maas is een zo lage afvoer iets vaker voorgekomen en daar staat 2026 op de 20e plaats van onderen in de meetreeks die daar 116 jaar oud is; wat neer komt op eens in de ca 6 jaar. Net als bij de Rijn is het de laatste ca 50 jaar wat minder vaak gebeurt dan voor die tijd, maar toch wel iets vaker: sinds 1976 is het 5 keer gebeurt, dus ongeveer eens in de 10 jaar.

Veel regen wordt voorlopig niet verwacht; waterstanden blijven op een relatief laag niveau

Het weer deze winter wordt tot nu toe vooral bepaald door hogedrukgebieden en lage druk met neerslag komt er maar weinig aan te pas. Volgende week verandert daar nog weinig aan en de waterstanden gaan daarom na een beperkte opleving weer langere tijd dalen. In het waterbericht leest u de details.

water van de week

Vastgeroest weerpatroon

Het weerpatroon boven Europa zit al enige weken vast, met een zone van hoge druk die vanaf Scandinavië naar het westen van Rusland loopt en een brede gordel van lage druk vanaf de Atlantische Oceaan via Ierland naar het Middellandse Zeegebied. Het lagedrukgebied stuurt zachte lucht en regengebieden het continent op, maar die komen niet veel verder dan halverwege ons land en zijn daar ook niet heel actief. Nederland ligt precies tussen de twee druksystemen in en dat zorgt al een week lang voor een bijzonder weer met soms 10 graden op de thermometer in Zeeland en net boven nul in Groningen.

De weermodellen hebben het er ook niet makkelijk mee en van dag tot dag ziet de verwachting er weer anders uit. De ene dag lijkt de zachte lucht het toch te gaan winnen en daarmee neemt dan ook de kans op regen toe in de stroomgebieden, maar de volgende dag is toch de koude weer standvastiger en blijft de zachte lucht hangen boven Frankrijk en België.

Het stroomgebied van de Rijn ontving de afgelopen week nog wel aardig wat regen vanuit de Vogezen, waar de zachte lucht wel wist door te dringen en ook aardig wat regen viel. Verder naar het oosten in Duitsland viel een aardig pak sneeuw, dat voorlopig nog niet smelt. Naar het noorden in België bleven de neerslaghoeveelheden beperkt en de Maas steeg daardoor nauwelijks.

De komende week blijft dit patroon bestaan, waarbij van maandag t/m woensdag de zachtere lucht wat verder doordringt en er op die dagen wat regen kan vallen in de Ardennen en het noordoosten van Frankrijk. Duitsland komt er opnieuw bekaaid vanaf. Vanaf donderdag ziet het er nu naar uit dat de koude lucht zich weer wat verder naar het zuiden uit kan breiden. Dit hangt samen met het Scandinavische hogedrukgebied dat naar het westen opschuift, zodat de wind meer naar het oosten kan draaien.

Vanaf volgend weekend wordt het helemaal onduidelijk wat er gebeurt. Als het hogedrukgebied nog wat verder doorschuift naar het westen kan de wind draaien naar het noordoosten, waardoor nog koudere lucht naar west Europa kan doordringen. Dat betekent dan ook dat de zachte lucht er boven de stroomgebieden niet meer aan te pas komt en het grotendeels droog blijft. Er is uiteraard ook een (zei het kleinere) kans dat het lagedrukgebied toch wat meer invloed krijgt. De koude blijft dan op afstand en regengebieden dringen wel wat verder door.

Veel regen wordt dan echter ook niet meteen verwacht, dus een sterkere stijging van de rivieren hoeven we al helemaal niet te verwachten. Voor mijn verwachting ga ik voor de komende week uit van een paar wat nattere dagen aan het begin van de week en daarna een overgang naar kouder en droger weer dat tot (ruim) na het volgend weekend aanhoudt.

In de Rijn passeert maandag een klein golfje, daarna langdurig dalend.

De neerslag die aan het eind van de weke in het stroomgebied van de Moezel viel heeft nu Lobith bereikt en de waterstand is sinds donderdag gaan stijgen. Op dat moment was de stand gedaald tot iets onder de 8 meter NAP, wat bijna 2 meter lager is dan gemiddeld in deze tijd van het jaar. De stijging die nu onderweg is, levert de Rijn iets minder dan 1 meter extra water op, dus nog steeds ruim onder het langjarig gemiddelde.

De afvoer die afgelopen donderdag was gedaald tot ca 1.300 m3/s stijgt nu naar een hoogste waarde van ca 1.900 m3/s, wat ook nog ca 700 m3/s minder is dan gemiddeld aan het eind van januari. Lage standen eind januari zijn niet heel uitzonderlijk, wat vooral bijzonder is dit jaar dat er nog helemaal geen hoogwater is geweest en voorlopig is daar ook nog geen zicht op.

De neerslag die t/m woensdag gaat vallen is onvoldoende om de stand op het niveau van ca 9 m te houden; in plaats daarvan gaat de stand vanaf dinsdag alweer langzaam dalen. Ieder dag gaat er zo’n 10 cm van de stand af en in het volgend weekend verwacht ik een stand tussen 8,3 en 8,4 m NAP. De afvoer bevindt zich dan tussen de 1500 en 1600 m3/s. Na komend weekend verwacht ik dat de waterstand langzaam blijft dalen, maar dan met nog maar ca 5 cm per dag een later nog wat langzamer.

Op grond van de huidige verwachting dat het na volgend weekend weer kouder wordt en droog blijft, zou de stand medio februari gedaald kunnen zijn tot ca 8,1 m NAP bij een afvoer van ca 1.400 m3/s. Maar zoals ik al schreef zijn de weermodellen ook nog wat zoekende voor de lange termijn, dus misschien dat toch het zachte en wat nattere weer wel aan het langste eind trekt. In dat geval zakt de stand niet zo ver weg, maar sterk stijgende stand zijn dan ook niet te wachten, omdat de neerslaghoeveelheden beperkt blijven.

Maas ontvangt maandag t/m woensdag wat extra water, maar stijging blijft beperkt.

De Maas ontving afgelopen week minder water dan ik eerder had verwacht en van een stijging was dan ook nauwelijks sprake. De afvoer bij Maastricht steeg van ca 200 naar 250 m3/s en inmiddels is deze alweer gedaald naar 200 m3/s. De zachte lucht heeft het stroomgebied wel bereikt en nergens ligt meer sneeuw die voor smeltwater kan zorgen.

De komende week blijft dat zo, zachte lucht blijft opdringen en vooral van maandag t/m woensdag kan er wat regen vallen. De hoeveelheden zijn echter beperkt en ik verwacht geen hogere afvoer dan ca 300 m3/s en als er wat meer regen valt dan nu verwacht, dan kan het misschien nog 400 worden. Net als bij de Rijn zijn dit waarden onder het langjarig gemiddelde.

Vanaf de tweede helft van de week neemt de kans op neerslag weer af, als ook de koude lucht weer wat opdringt. De afvoer gaat dan weer dalen en rond het komend weekend verwacht ik een afvoer van ca 200 m3/s. Na dat weekend is de kans nu het grootst dat de afvoer nog wat verder daalt, omdat er weinig regen wordt verwacht en het waarschijnlijk weer wat kouder wordt.

Neerslag op komst, maar onvoldoende voor een sterkere stijging van de waterstanden

Na een paar droge weken verandert het weerpatroon boven de West-Europa en neerslag kan de komende week weer tot in de stroomgebieden doordringen. Veel regen wordt echter niet verwacht en de waterstanden, die naar een voor de tijd van het jaar laag niveau zijn gezakt, stijgen daarom maar weinig. Ook op langere termijn blijven de waterstanden aan de lage kant. In het waterbericht leest u de details.

In de rubriek water inzicht een blik op de waterstanden tot nu toe deze winter, die in een groot deel van de stroomgebieden droog verloopt en dat levert vooral lage waterstanden op.

water van de week

Lagedrukgebieden proberen het wel, maar lijken niet echt te slagen

Lagedrukgebieden vanaf de oceaan dringen de komende tijd meer op, maar de meeste neerslag gaat ten zuiden van de stroomgebieden langs. Op de weerkaart zien we ten westen van Ierland een groot lagedrukgebied en vaak betekent dat voor de dagen daarna dat zo'n lagedrukgebied zich over onze omgeving naar het oosten trekt. Maar dit jaar gaat het anders. Hogedrukgebieden boven het oosten en noorden van Europa fungeren als een blokkade en lagedrukgebieden komen daarom niet verder dan de Britse eilanden.

Komende week splitsen zo nu en dan kleine lagedrukgebiedjes zich af van het grote moeder-lagedrukgebied en deze bewegen dan over Frankrijk en de zuidkant van het alpengebied naar de Middellandse Zee. In de baan die ze volgen brengen ze wel veel regen (en hogerop sneeuw) maar dit gebied ligt vooral net ten zuiden van de stroomgebieden. Niet dat het helemaal droog blijft want als zo’n lagedrukgebied ten zuiden van ons langstrekt, kunnen de neerslagzones ons vaak nog wel bereiken. Veel neerslag wordt er echter niet verwacht maar het is toch voldoende om de rivieren weer een klein beetje water te bezorgen.

Op dinsdag trekt zo’n klein lagedrukgebied ten zuiden van ons langs en dan valt de meeste regen van de komende week. Het lagedrukgebied voert ook zachte lucht aan en de neerslag zal daarom grotendeels als regen vallen; alleen hogerop in de middengebergten, zo boven de 1000 m in het Zwarte Woud en de Vogezen, kan zich dan een vers sneeuwdek vormen. En opvallend, ook in het noorden van Nederland en Duitsland kan sneeuw vallen, omdat de grens tussen de zachte en de koude lucht daar nog steeds vlakbij blijft liggen.

Er zijn ook modelberekeningen die deze grens over een dag of 10 ver naar het zuiden laten opschuiven, als het hogedrukgebied weer meer invloed krijgt, zodat heel Nederland en een groot deel van het stroomgebied weer in de koude lucht terechtkomt. De kans hierop wordt echter voorlopig klein ingeschat, maar we moeten het hogedrukgebied deze winter ook weer niet onderschatten, dus wie weet.

Nadat op dinsdag een woensdag een regenzone over de stroomgebieden is getrokken, die zo’n 10 tot 20 mm regen kan brengen, volgen er later in de week nog enkele neerslagperioden, maar die zijn minder actief. De verwachting nu is dat het hogedrukgebied zich na de komende week wat meer in westelijke richting uitbreidt, waardoor nieuwe lagedrukgebieden een nog wat zuidelijkere koers gaan volgen. Als dat uitkomt, dan valt er ook in de eerste week van februari niet veel regen en hoeven we ook dan niet te rekenen op een verdere stijging van de waterstanden.

Rijn daalt naar ca 8 m, daarna een stijging naar ca 8,5 m NAP.

De Rijn is de hele week langzaam gedaald en staat nu bij een stand van 8,25 m NAP ca. 1 m lager dan in het vorige weekend. De afvoer bedraagt nu nog ongeveer 1.500 m3/s en dat is voor deze tijd van het jaar ruim onder het langjarig gemiddelde, want dat bedraagt ruim 2500 m3/s en de waterstand stat nu zelfs 1,5 m onder wat het normaal is in deze tijd van het jaar. Een groot deel van het stroomgebied van de Rijn heeft dan ook tot nu toe een erg droge winter. De komende dagen daalt de waterstand nog wat verder tot iets onder de 8 m aan het eind van de week.

Vanaf dinsdag en woensdag gaat er aardig wat regen vallen een vooral het westelijke deel van het stroomgebied en dat levert wat extra water op dat vanaf vrijdag loop ik bereikt. De stand stijgt dan naar circa 8,5 m NAP op maandag 2 en dinsdag 3 februari. Daarna zet naar verwachting weer een langzame daling in naar een stand iets boven de 8 m in het weekend van 8 en 9 februari. Hierbij ben ik ervan uitgegaan dat de eerste week van februari inderdaad vrij droog verloopt, zoals nu de verwachting is. Maar zo lang vooruit kan dat natuurlijk nog veranderen; daarover volgende week meer.

Maas daalt tot ca 200 m3/s, daarna weer wat stijgend.

Ook In het stroomgebied van de Maas viel de afgelopen week geen regen en daarom daalde de afvoer gestaag. In het vorige weekend was de afvoer nog wat hoger (ca 550 m3/s) vanwege smeltwater uit Ardennen, maar dat is inmiddels helemaal op en de afvoer is nu bij Maastricht gedaald tot iets boven de 200 m3/s. Op dinsdag en vooral woensdag kan er wat regen vallen maar geen grote hoeveelheden; het blijft bij zo'n 10 tot 20 mm. Vanaf woensdag kan dat voor een lichte stijging zorgen naar ca 300 tot 350 m3/s.

Donderdag verloopt waarschijnlijk weer wat droger maar vrijdag kan er opnieuw een wat actiever regengebied de Ardennen bereiken. De afvoer kan dan nog wat verder stijgen naar een hoogste waarde op zaterdag; maar veel meer dan 500 m3/s verwacht ik niet dat het gaat worden; als dat al bereikt gaat worden. Vanaf zaterdag volgen ook weer een aantal dagen met weinig neerslag en als die verwachting standhoudt dan betekent dat dat In de week naar het volgend weekend de afvoer ook weer gaat dalen. Zo blijft de afvoer van de Maas ook de komende twee weken waarschijnlijk (ruim) onder het langjarig gemiddelde dat in deze tijd van het jaar ruim 500 m3/s bedraagt. Het ziet er niet naar uit dat dat de komende tijd gehaald gaat worden.

Water in zicht

Winter verloopt tot nu toe zonder hoogwater

Na een wat natter najaar verloopt de winter tot nu toe in de stroomgebieden aan de droge kant. Vooral in het stroomgebied van de Rijn is het sinds december erg droog en de hoogste afvoer die daar tot nu toe deze winter werd bereikt (iets boven de 3.000 m3/s) was op 1 november. De sneeuw die begin januari in Nederland in flink sneeuwdek opleverde drong nauwelijks door tot in het stroomgebied van de Rijn een toen het na die koude periode ging dooien was er daardoor ook weinig smeltwater.

De Ardennen ontvingen relatief wat meer sneeuw en de Maasafvoer liet daardoor vorige week nog wel een klein smeltwaterpiekje zien. Winters met lage afvoeren komen we tegenwoordig nog maar weinig voor en wat we deze winter beleven is daarom vrij uitzonderlijk. Een Maasafvoer die de hele winter onder de 1.000 m3/s per seconde blijft is in de afgelopen 50 jaar nog maar twee keer voorgekomen (1996 en 2017), terwijl dat tussen 1911 en 1976 maar liefst 11 keer gebeurde; dwz eens in de 6 jaar. In de grafiek hieronder zijn de hoogste afvoeren van ieder hoogwaterseizoen (periode tussen 1/10 en 31/5) weergegeven voor de hele meetreeks.

Scherm­afbeelding 2026-01-25 om 21.18.10.png

Hoogste Maasafvoer van ieder winterhalfjaar (1/10-30/4) met daarin de 5 laagste en 5 hoogste ingekleurd. Het jaar 2026 is de situatie tot eind januari.
Hoogste Maasafvoer van ieder winterhalfjaar (1/10-30/4) met daarin de 5 laagste en 5 hoogste ingekleurd. Het jaar 2026 is de situatie tot eind januari.

In de huidige winter kwam de Maasafvoer nog niet boven de 575 m3/s uit en dat is de op twee na laagste. Nu kan er de komende maanden nog wel wat gebeuren, maar omdat er ook de komende 2 weken nog weinig neerslag wordt verwacht en er geen smeltwater op voorraad ligt, begint de tijd wel wat te dringen. De vorige keer dat de winter een lage afvoer had (winter 2016/17) kwam het hoogwatertje trouwens ook pas in maart; dus de huidige winter kan nog wat opschuiven.

Bij de Rijn zien we een zelfde beeld, maar uiteraard is de laagste afvoer hier wel hoger. Als we de grens bij 4.000 m3/s leggen dan zien we in de afgelopen 50 jaar dezelfde 2 winters die lager eindigden en vóór 1976 waren dat er 12; een ongeveer vergelijkbare frequentie als de Maas. In beide grafieken zijn de 5 jaren met de laagste hoogwaterafvoer in de winter in rood aangegeven. Bij de Rijn kan deze winter al niet meer in de top 5 eindigen, want deze winter staat nu op de 6e plaats. Maar ook dat zou erg bijzonder zijn, want de eerstvolgende recente winter (2016/17) in deze ranglijst vinden we pas op de 15e plaats.

Scherm­afbeelding 2026-01-25 om 21.17.56.png

Hoogste Rijnafvoer van ieder winterhalfjaar (1/10-30/4) met daarin de 5 laagste en 5 hoogste ingekleurd. Het jaar 2026 is de situatie tot eind januari.
Hoogste Rijnafvoer van ieder winterhalfjaar (1/10-30/4) met daarin de 5 laagste en 5 hoogste ingekleurd. Het jaar 2026 is de situatie tot eind januari.

Wat opvalt in beide grafieken is dat de winters met een lage hoogwaterafvoer ver terug liggen in de tijd en dat er in de afgelopen 50 jaar geen enkele is geweest. Ook de jaren met de hoogste winterhoogwaters zijn in blauw aangegeven, deze vinden we bij Maas en Rijn aan het eind van de vorige eeuw en in de ’20-er jaren. Winters met niet meer dan een klein hoogwater zijn dus zeldzaam geworden en vanuit het klimaat gezien is dat ook wel te verklaren.

Voor langdurige droogte zijn standvastige hogedrukgebieden nodig, die soms maandenlang het weer bepalen. Dit weerpatroon zien we de laatste decennia maar weinig en als hoge druk al eens overheerst, dan duurt dat nooit heel lang en wordt het altijd wel weer afgewisseld met een stevige westelijke stroming die vochtige oceaanlucht naar de stroomgebieden voert.

Dit jaar is daarop dus (tot nu toe) een uitzondering, met juist sterke hogedrukgebieden, eerst boven zuidoost en nu boven noordoost Europa. We zullen nog even moeten afwachten of de hoge druk zo standvastig is dat het ook het weer in februari en maart blijft bepalen, maar de verwachtingen wijzen, althans voor de eerste weken, wel die kant op.

Droog weer houdt aan, langdurig dalende waterstanden

Hogedrukgebieden houden voorlopig het weer in onze omgeving in hun greep en de kans is groot dat er tot eind januari geen neerslag meer valt in de stroomgebieden. Na de kleine golfjes die de afgelopen week in zowel de Rijn als de Maas passeerden, wacht de rivieren daarom een langdurige daling: de Rijn zakt op termijn weer tot onder de 8 m de Maas onder de 250 m³/s. In het waterbericht leest u de details. Deze week nog een week zonder de rubriek water Inzicht.

Water van de week

Lagedrukgebieden gaan voorlopig om de stroomgebieden heen.

Het is een bekend fenomeen dat hogedrukgebieden vaak een lange adem hebben en veel langdurige droge perioden uit het verleden hangen samen met hogedrukgebieden die van geen wijken wisten. Recent was dat nog het geval in het voorjaar van 2025 toen er in maart zelfs helemaal geen regen viel en de waterstanden in de rivieren daalden naar voor de lente erg lage waarden. In de zomer en het begin van het najaar van 2025 bleven hogedrukgebieden op wat grotere afstand en brachten lagedrukgebieden voldoende regen om de rivieren weer naar een gemiddeld niveau terug te laten veren.

Maar vanaf december zijn het weer vooral de hogedrukgebieden die het weer in onze omgeving bepalen. Bij voorkeur liggen ze boven Zuidoost- en Oost-Europa. Dat lijkt ver weg, maar hun invloed reikt tot over onze omgeving en lagedrukgebieden, die er volop zijn op de Atlantische Oceaan, lukt het niet om verder oostelijk door te dringen dan de Britse eilanden.

Begin januari was een korte uitzondering toen hoge druk even naar het westen verschoof, zodat we met een noordwestelijke stroming te maken kregen en sneeuwbuien onze regio konden bereiken. Inmiddels vinden we de hogedruk weer op zijn vertrouwde plaats boven het oosten van Europa en het ziet er naar uit dat dat de komende twee weken niet of nauwelijks gaat veranderen. In de weerkaarten in de figuur hieronder is de verwachte luchtdrukverdeling weergegeven voor vandaag, over 4 dagen, over 7 dagen en over 10 dagen.  

Luchtdruk januari 2026.jpg

Vierluik met de verwachte luchtdrukverdeling voor vandaag, over 4 dagen (rechtsboven), over 7 dagen (linksonder) en over 10 dagen (rechtsonder). De pijl geeft de aanvoerrichting van de lucht bij ons aan. Bron: kachelmannwetter..com.
Vierluik met de verwachte luchtdrukverdeling voor vandaag, over 4 dagen (rechtsboven), over 7 dagen (linksonder) en over 10 dagen (rechtsonder). De pijl geeft de aanvoerrichting van de lucht bij ons aan. Bron: kachelmannwetter..com.

Op dit moment ligt de kern van de hogedruk in de buurt van Kiev en vinden we het dichtstbijzijnde lagedrukgebied ergens ten zuiden van IJsland. Over onze omgeving en de stroomgebieden staat een zuid- tot zuidoostelijke stroming, die nu nog relatief zachte lucht aanvoert vanuit het Middellandse zeegebied. De komende dagen verschuift het hogedrukgebied wat naar het noorden en dringt een lagedrukgebied op vanaf de oceaan tot bij Ierland; zoals het tweede kaartje rechtsboven laat zien.

De stroming verschuift wat naar het oosten waardoor koudere lucht onze omgeving kan bereiken. Over een week -dat is het kaartje linksonder- is het lagedrukgebied over Frankrijk naar het Middellandse zeegebied geschoven terwijl het hogedrukgebied nog steeds boven Oost Europa ligt. De aanvoerrichting van de lucht naar onze omgeving is nog steeds vanuit het zuidoosten en het blijft dan nog aan de koele kant.

Er zijn berichten dat het mogelijk veel kouder gaat worden maar op grond van deze weerkaart is dat niet de verwachting. Daarvoor zou het hogedrukgebied boven Finland moeten blijven liggen zodat er met een oostelijke wind veel koudere lucht uit het noorden van Rusland aangevoerd zou kunnen worden. Volgens deze verwachting van het Europese weermodel ziet het daar echter niet naar uit en blijft de route voor lucht van Siberië voor ons geblokkeerd. Omdat het een verwachting is, kan dit uiteraard nog veranderen.

Wel vrijwel zeker is dat het lagedrukgebied onder ons doorschuift en de neerslag die ermee samenhangt kan daardoor onze omgeving en ook de stroomgebieden niet bereiken. In het laatste kaartje rechtsonder zien we hoe de situatie daarna evolueert. Zodra het lagedrukgebied boven de Middellandse Zee verder naar het zuiden is geschoven breidt het hogedrukgebied zich tot over West- Europa uit. De stroomgebieden liggen er dan precies onder en een nieuw lagedrukgebied boven dat Atlantische Oceaan komt er niet aan te pas.

Dit is de situatie voor 28 januari en ook als we de verwachting van het Europese weermodel voor de dagen daaran mogen geloven. dan houdt dit hogedrukgebied ook daarna nog wel enige tijd aan. Volgende lagedrukgebieden, die vanaf de begin februari worden verwacht, blijven dan deze dezelfde zuidoostelijke koers volgen, waardoor het ook dan nog droog blijft in de stroomgebieden.

Neerslag komende 10 dagen.jpg

Verwachte neerslag in Europa in de komende 10 dagen (bron kachelmannwetter.com).
Verwachte neerslag in Europa in de komende 10 dagen (bron kachelmannwetter.com).

De kaart hierboven laat de verwachte neerslaghoeveelheden zien voor de komende 10 dagen. Zowel het stroomgebied van de Rijn als de Maas blijven daarin helemaal droog en ook de verwachting voor de komende 15 dagen (niet afgebeeld) laat precies hetzelfde beeld zien. Regen valt er wel in een brede strook over het zuidwesten van Europa in de baan die de lagedrukgebieden volgen. Vooral in de landen rond de Middellandse Zee kunnen deze lagedrukgebieden de komende week erg veel regen gaan brengen, met lokaal overlast tot gevolg.

De enige mogelijkheid dat er de komende tijd in de stroomgebieden nog wel regen valt, is er als het lagedrukgebied dat op 24 en 25 januari over Frankrijk trekt (zie de eerste figuur), toch iets noordelijke uit zou komen. De weermodellen lieten dat eerder deze week nog wel zien als mogelijkheid, maar in de laatste verwachtingen is dat weer van de baan. In mijn waterverwachting ga ik er daarom vanuit dat het de komende 10 tot 14 dagen droog blijft.

Rijn zet een langdurige daling in tot onder de 8 m.

De afgelopen week verliep erg warm voor de tijd van het jaar en de sneeuw die in de eerste week van januari was gevallen is op de meeste plaatsen weer gesmolten. Pas boven de 800 m in het Sauerland en boven de 1000 m in de Vogezen en het Zwarte Woud heeft wat sneeuw de dooi overleefd. En uiteraard in de Alpen, maar daar dooit de sneeuw hogerop zelden weg in de winter.  Bij deze dooiperiode kwam er vrijwel geen regen aan te pas en in zo’n situatie smelt de sneeuw geleidelijk weg.

We zien dat terug in een geleidelijke stijging van de waterstand van de Rijn tihdens de afgelopen week; naar ca 9,3 m NAP op zaterdag. Als de sneeuw was gesmolten in combinatie met regen, dan was de waterstand verder gestegen. Dan smelt de sneeuw namelijk in 1 of 2 dagen en samen met de regen had dat deze week dan voor een hoogwatergolfje gezorgd. Geen groot hoogwater, maar een waterstand van tussen de 11,5 tot 12 m was dan wel mogelijk geweest, bij een afvoer tussen 4.000 en 5.000 m3/s.

Nu bleef het bij een stand van 9,3 m en een afvoer van 2.300 m3/s. Inmiddels is de hoogste stand achter de rug en omdat de sneeuw gesmolten is in het stroomgebied en er de komende twee weken vrijwel geen regen wordt verwacht, gaat de waterstand fors dalen. Eerst een paar dagen met ca 10 cm per dag, daarna enige tijd met 15 cm per dag en tegen het eind van de maand weer afnemend tot 10 en later 5 cm per dag. Op dinsdag 20/1 verwacht ik dat de waterstand weer onder de 9 m NAP zakt (afvoer 2.000 m3/s) en op zaterdag 24/2 onder de 8,5 m NAP (afvoer 1.600 m3/s). Tegen het eind van de maand, rond 30/1 verwacht ik dat ook de 8 m NAP (afvoer 1.350 m3/s) wordt onderschreden en waarschijnlijk zet de daling ook in de eerste dagen van februari nog door.

Voor de tijd van het jaar zijn dit lage afvoeren want het langjarig gemiddelde bedraagt medio januari zo tussen de 2.700 en 3.000 m³/s. Daar hoort dan een waterstand bij van ongeveer 10 meter; wat dus betekent dat het piekje dat deze week passeerde, zelfs nog 70 cm lager was.

Maas daalt de hele komende week en ook in de week daarna.

De sneeuw die aan het begin van de week nog in de Ardennen lag is inmiddels helemaal gesmolten en dat leverde de Maas de afgelopen week steeds een paar honderd m³/s extra op tot bij Maastricht een afvoer tussen de 500 en 600 m³/s. Vorige week verwachtte ik nog dat er ook regen zou vallen in deze week en dan zou de afvoer hoger zijn uitgevallen dan nu het geval was. Dan zou de sneeuw namelijk sneller zijn gesmolten en in combinatie met het regenwater had dan een afvoer van 1000 m³/s of meer mogelijk geweest. Maar nu kwam het allemaal wat geleidelijker en bleef een hogere afvoer uit.

Nu alle sneeuw weg is en er de komende 10 dagen geen regen wordt verwacht gaat de afvoer gestaag verder dalen. Ik verwacht dat deze gemiddeld dagelijks met zo'n 25 m³ afneemt en dat betekent dat aan het eind van de week de afvoer weer onder de 300 m³/s zal zijn gedaald. Ook na het volgend weekend zet de daling door maar dan wat trager en omdat het voorlopig droog blijft, verwacht ik een daling tot aan het eind van de maand; bij een afvoer die dan zo rond de 200 m³/s zal zijn uitgekomen. Een nieuwe stijging is voorlopig niet in zicht.

Zacht weer met niet al te veel regen; licht stijgende waterstanden

Na een enerverende weerweek staat ons deze week een minder dynamisch weerbeeld te wachten. De eerste dooigolf van afgelopen vrijdag heeft de rivieren al wat laten stijgen en ook de tweede dooiaanval, die maandag 12/1 de stroomgebieden bereikt, zorgt voor extra water voor de rivieren. Tot grotere hoogwaters zal het niet komen, daarvoor zijn de neerslaghoeveelheden te klein. In het waterbericht leest u de details.

De rubriek water Inzicht ontbreekt deze week.

Water van de week

Veel zachter weer, maar niet heel veel regen.

Vandaag is de laatste dag van een koude periode die ongeveer 3 weken heeft geduurd. De afgelopen jaren was het wel vaker aan de koude kant, maar een zo lange periode van kouder weer is een weerfenomeen dat de laatste decennia steeds zeldzamer is geworden. Net als bij veel koudeperioden in het verleden was het aanvankelijk erg droog, maar de laatste week veranderde dat door flink wat sneeuwval. Deze hing samen met een noordwestelijke stroming waarin veel sneeuwbuien van over de Noordzee werden aangevoerd. Deze drongen niet heel ver het stroomgebied binnen en daardoor kon het gebeuren dat er op de Veluwe meer sneeuw lag dan in de Ardennen en het Zwarte Woud.

Afgelopen donderdag hadden we te maken met een bijzonder weersverschijnsel toen een klein lagedrukgebied van west naar oost over Nederland trok. Vóór het lagedrukgebied uit werd met een zuidelijke stroming zachtere lucht aangevoerd, waarin het urenlang regende. De warme luchtlaag was echter niet zo heel dik en hogerop in de Middelgebergten duurde de periode dat het dooide, en er smeltwater beschikbaar kwam, niet zo heel erg lang. Aan de westkant van het lagedrukgebied draaide de wind naar het noorden en werd zeer koude lucht aangevoerd. De neerslag viel hier als sneeuw en vooral in het zuidoosten van Nederland, de Ardennen en delen van Duitsland leverde dit nog een sneeuwdek op van zo’n 10 tot 20 cm.

Hogerop in de Ardennen en het Sauerland, waar het oude sneeuwdek nooit helemaal was weggesmolten tijdens de dooiperiode, ligt nu een sneeuwdek van ongeveer 40 cm. Ook in het Zwarte Woud, de Vogezen en de Zwitserse Jura groeide het sneeuwdek aan en daar ligt nu tot 50 cm. Hogerop in de Alpen, waar in december weinig sneeuw was gevallen en het sneeuwdek wat aan de magere kant was, viel tot meer dan 1 meter verse sneeuw. Deze laatste gaat voorlopig niet smelten, maar in de Middelgebergten in Duitsland, België en Frankrijk gaat het sneeuwdek de komende week waarschijnlijk grotendeels verdwijnen.

Het hogedrukgebied op de oceaan dat langere tijd voor de noordelijke, koude stroming heeft gezorgd, heeft nu plaatsgemaakt voor een groot lagedrukgebied; waarvan de kern nu ten noorden van Schotland ligt. Het brengt in onze omgeving een zuidwestelijke stroming op gang waarin zachte lucht wordt aangevoerd en ook zo nu en dan regen. Heel veel impact gaat de lage druk op de oceaan voorlopig niet op ons weer hebben, want boven het oosten en zuiden van Europa ligt nu een uitgestrekt hogedrukgebied. Dit nieuwe weerpatroon lijkt wel wat op dat van de eerste helft van december toen er ook lagedrukgebieden op de oceaan lagen, maar de bijbehorende neerslagzones niet heel ver het continent op konden dringen vanwege de blokkade van hoge druk.

Komende nacht vindt de overgang plaats naar de zachtere lucht en dit gaat gepaard met wat neerslag die begint als sneeuw maar al snel in regen over zal gaan. Het brengt op maandag in de stroomgebieden zo'n 5 tot 10 mm regen. De dagen daarna volgen er meer neerslaggebieden, maar op de meeste dagen valt er niet meer dan 5 lokaal misschien 10 mm regen. Vanwege de hogere temperaturen en de regen smelt de nog aanwezige sneeuw in de Middelgebergten langzaam weg. Dit gebeurt geleidelijk, iedere dag een beetje, zodat de impact op de rivieren niet heel erg groot zal zijn.

Dit licht wisselvallige zachte weer met zo nu en dan wat regen houdt waarschijnlijk ook in de week na het komend weekend nog aan. Want het hogedrukgebied boven Zuidoost-Europa lijkt in de komende tijd alleen nog maar sterker te worden en de lagedrukgebieden die op de Atlantische Oceaan ontstaan, kunnen daardoor niet ver naar het oosten doordringen.

Zo gaan er weer twee weken voorbij zonder een duidelijke westelijke circulatie die gewoonlijk in de winter in onze omgeving altijd wel een paar keer gedurende enkele weken actief is.  In de winter van 2023/24 duurde de aanvoer van regen door lagedrukgebieden zelfs maandenlang en viel er enorm veel regen. In de vorige winter was deze circulatie al minder actief en deze winter is hij tot nu toe helemaal afwezig boven Europa. Dit hangt waarschijnlijk samen met het ontbreken van de zogenaamde Polar Vortex; dit is een krachtige wind die in de winter boven het Noordelijk halfrond op een hoogte van ca 30 km waait. Deze wind is vaak weer gekoppeld aan de luchtstroming op lagere hoogten, waar zich bv de straalstroom bevindt, die belangrijk is voor het op gang brengen van de westelijke circulatie.

Dit jaar is de Polar Vortex tot nu toe opvallend zwak en er was daarom geen aanleiding voor de westelijke circulatie om te ontstaan. Maar de verwachting is nu dat de Polar Vortex vanaf 17 januari wel in kracht toe gaat nemen en doorgaans duurt het dan zo’n 2 tot 3 weken voordat daar op lagere hoogten ook iets van te merken is. Dus misschien dat we in de eerste helft van februari wel te maken krijgen met meer lagedrukgebieden die dan neerslag en meer wind aanvoeren naar de stroomgebieden. Nog even afwachten dus.

Rijn stijgt deze week tot tussen 9,2 en 9,5 m NAP.

De dooiaanval van afgelopen vrijdag bracht zo’n 10 tot 25 mm neerslag in het stroomgebied. Vooral in Midden-Duitsland kwam er ook smeltwater beschikbaar door de dooi van sneeuw in Eiffel en Ardennen. Verder naar het oosten was de invloed van de zachte lucht al minder groot en in het zuiden van Duitsland lag weinig sneeuw. Daardoor kwam er minder smeltwater dan ik donderdag in mijn extra bericht had verwacht en de stijging van de waterstanden blijft daardoor ook beperkt. Alleen de Moezel steeg wel flink en de afvoer liep daar op van ca 100 naar 850 m3/s. In de Bovenrijn bleef de stijging beperkt tot ca 300 m3/s en in de ander zijrivieren was het vaak niet meer dan enkele tientallen m3/s.

Het bescheiden piekje dat dit oplevert, bevindt zich nu ter hoogte van Koblenz en vanaf daar beweegt het in ca 2 dagen naar Lobith. Bij Lobith is de waterstand sinds gisteren al langzaam gaan stijgen en die stijging zet zich dus nog ca 2 dagen voort. Bij aanvang van de stijging bedroeg de waterstand slechts 7,35 m NAP en de afvoer 1.040 m3/s, wat erg laag is voor begin januari. Het extra water zorgt voor een stijging tot een stand van ca 9,2 m NAP op dinsdag en woensdag aanstaande. De afvoer bedraagt dan ca 2.100 m3/s.

Ondertussen valt er op maandag en woensdag weer regen als de dooi opnieuw binnenvalt. Dat levert dan weer wat extra water op, maar opnieuw geen grote hoeveelheden. Dit water arriveert vanaf donderdag bij Lobith en afhankelijk van hoe snel de sneeuw smelt levert dat waarschijnlijk een lichte verdere stijging op tot tussen 9,2 en 9,5 m NAP op zaterdag 16/1. De afvoer is dan opgelopen tot tussen 2.200 en 2.400 m3/s. Dat is trouwens nog steeds lager dan het langjarig gemiddelde voor deze tijd van het jaar, wat ca 2.800 m3/s bedraagt.

Na het komend weekend gaat de stand waarschijnlijk weer wat omlaag, maar snel gaat dat niet omdat er wel zo nu en dan regen blijft vallen. Na het weekend verwacht is daarom een stand van rond 9,2 m NAP. Mocht er weinig regen vallen dan kan de stand ook verder dalen tot 9 m NAP, mocht er wat meer regen vallen, dan kan de stand ook langer rond 9,5 m NAP blijven schommelen. Grotere uitschieters naar boven en beneden zijn er voorlopig niet te verwachten.

Maasafvoer beweegt komende week tussen 500 en 750 m3/s.

Het stroomgebied van de Maas lag precies ten zuiden van de baan van het lagedrukgebied dat afgelopen vrijdag overtrok. Daardoor kon de zachte lucht hier makkelijk binnendringen en viel er ook flink wat regen tot lokaal meer dan 25 mm. Toch bleef de impact van al dit water op de Maasafvoer beperkt en steeg deze bij Maastricht niet veel verder dan tot circa 700 m3/s. Ik had zo’n 300 tot mogelijk 500 m3/s meer verwacht, maar had op voorhand vooral de invloed van het smeltwater wat overschat.

In de Ardennen is op zaterdag nog aardig wat sneeuw bijgevallen en het sneeuwdek is daar nu gestegen tot een dikte van circa 40 cm. Dit sneeuwdek zal de komende week waarschijnlijk helemaal gaan smelten omdat het stroomgebied vanaf komende nacht al in de zachtere lucht terecht gaat komen. Vooral tijdens de perioden van regenval kan de meeste sneeuw smelten. Nu wordt er echter niet heel veel regen verwacht; op de dagen dat er regen valt niet meer dan zon 5 tot 10 mm. Het zal daarom niet zo'n vaart lopen met het smelten van de sneeuw en ook deze week zal de impact op de Maasafvoer daarom niet heel groot zijn.

Op dit moment bedraagt de afvoer bij Maastricht ongeveer 500 m3/s en als vannacht de dooi invalt en de eerste regen gaat vallen zal dat vanaf morgen wat extra water opleveren voor de Maas. De afvoer kan dan op maandag en dinsdag stijgen naar ca 750 m3/s. Mocht er meer dan 10 mm regen vallen, misschien nog wat meer. Dinsdag valt er weinig regen, zodat de afvoer dan wat stabiliseert, of licht daalt, maar woensdag kan er weer zo’n 10 mm regen vallen in de Ardennen, waardoor de afvoer weer wat kan gaan stijgen. Op donderdag kan de afvoer dan tussen de 750 en 1.000 m3/s uitkomen.

De dagen daarna kan er steeds wel wat regen vallen, maar het ziet er naar uit dat de hoeveelheden nog wat kleiner zullen zijn. Als dat uitkomt, gaat de afvoer vanaf donderdag weer langzaam dalen. Omdat ook na het komend weekend geen grote hoeveelheden regen worden verwacht, is een verdere stijging niet in beeld. De kans is groter dat de afvoeren weer gaan dalen naar ca 500 m3/s of nog wat lager.

Abonneren op