Actuele verwachtingen waterstanden
Het water in de Nederlandse rivieren en delta is altijd in beweging. De hoeveelheid neerslag en smeltwater zorgen ervoor dat de waterstand in de rivieren stijgt of daalt en in de delta en langs de kust zijn het vooral stormen die de waterstanden bepalen. Op deze pagina met actuele verwachtingen schrijf ik iedere week onder de kop Water van de Week een prognose hoe de waterstanden zich op korte termijn ontwikkelen. Als de waterstanden in de rivieren sterk gaan stijgen en er zich een hoogwater ontwikkelt of als er een storm met hoogwater langs de kust op komst is, verschijnen de hoogwaterberichten met een hogere frequentie van eens in de 2 of 3 dagen. Naast de waterverwachtingen probeer ik ook iedere week een onderwerp wat verder uit te diepen in de rubriek Water Inzicht in het tweede deel van het wekelijkse waterbericht.
Laagwaterbericht
Vanwege de uitzonderlijke situatie in de rivieren wat vaker een update de komende tijd
Rijn blijft dalen, kleine opleving, daarna opnieuw dalend.
De waterstand bij Lobith is vanmorgen gedaald tot onder 6,8 m NAP en daalt komende dagen nog 20 cm verder naar ca 6,6 m NAP. De afvoer die nu onder de 800 m3/s is gezakt, daalt nog ruim 100 m3/s tot iets onder 700 m3/s op 18 juli. Dat is veel te weinig om al de functies die afhankelijk zijn van voldoende water te voorzien. De waterbehoefte van veel gebruikers zal de komende dagen flink afgeschaald moeten worden.
De waterstand blijft daarmee net boven de record laagste stand van 18 augustus 2022 toen bij Lobith tot 6,48 m NAP. werd bereikt. De laagste afvoer stamt nog uit november 1949 en bedraagt 620 m3/s, die gaan we voorlopig niet bereiken, maar het laagwaterseizoen is nog lang, dus wie weet. De kans is groot dat de laagste stand ooit eind juli alsnog bereikt gaat worden.
In Duitsland vielen gisteravond en vanmorgen de eerste buien en ook de komende dagen blijft daar kans op regen. Nederland lijkt de dans te ontspringen, waardoor de droogte hier steeds verder toe zal nemen. Vooral 17 juli is een dag om in de gaten te houden, want dan is het gebied waar binnen het stroomgebied buien kunnen vallen het grootst en misschien dat er dan ook wat meer valt dan nu verwacht. Weersituaties met buien zijn namelijk moeilijk in te schatten wat de regenhoeveelheden betreft.
Al met al blijven de regenhoeveelheden aan de lage kant en is het waarschijnlijk net voldoende voor een kleine opleving van de waterstand vanaf 18 juli. Op grond van de huidige neerslagverwachtingen ga ik uit van een stijging van de Rijn met ongeveer 30 tot 40 cm van 6,6 m NAP op 18 juli naar 6,9 tot 7 m NAP op 23 en 24 juli. Wat het precies gaat worden weten we pas over een paar dagen als de regen gevallen is.
De regen van de komende dagen is niet het begin van een weersomslag naar een natter weerpatroon. De dominantie van hoge druk houdt namelijk stand en nadat de kern van het hogedrukgebied zich even wat teruggetrokken heeft, keert het vanaf ongeveer de 20e juli weer terug. Er vormt zich dan een hardnekkige rug van hoge druk vanaf het Verenigd Koninkrijk tot over Centraal Europa en de stroomgebieden liggen daar precies onder.
Volgens de hoofdrun van het Europese weermodel zou dit weerbeeld aan kunnen houden tot eind juli en de eerste neerslag is op de weerkaarten pas weer zichtbaar vanaf 29 juli. Dat kan uiteraard nog veranderen, maar gezien de voorgeschiedenis is het niet te verwachten dat de hoge druk eerder dan verwacht vertrekt. Voor de waterstanden betekent dat een nieuwe daling vanaf 24 juli en die kan dan ongeveer een week aanhouden.
Vanaf 27 of 28 juli kan de stand alweer onder de laagste stand van komende week uitkomen; dus onder 6,6 m NAP. De kans is groot dat de daling daarna nog wat verder doorzet; tot een stand onder 6,5 m NAP rond 30 juli. De afvoer zal dan gedaald zijn naar ca 675 m3/s.
Dit scenario kan om twee redenen anders uitpakken en dat is als er de komende dagen meer regen valt in het stroomgebied dan nu verwacht waardoor de stand op 18 en 19 juli wat hoger uitvalt en de buffer daarmee wat groter is voor de daling daarna. Een andere mogelijkheid is dat de droge periode vanaf 20 juli minder lang duurt dan nu verwacht. De komende dagen zal daar meer duidelijkheid over zijn.
Maasafvoer blijft erg laag
De Maasafvoer was afgelopen weekend tot slechts 20 m3/s gedaald, maar is gisteren en vandaag weer wat hoger, rond 35 m3/s. Dit heeft niet te maken met regen in het stroomgebied, maar met het beheer van stuwen in de Maas in Wallonië. Tijdens het weekend waren enkele stuwpanden verder gevuld, wat tot de zeer lage afvoer leidde, maar sinds gisteren daalt het peil langzaam weer wat en daarmee is er meer water beschikbaar gekomen.
De 20 m3/s was waarschijnlijk een onderschatting van wat de Maas werkelijk aanvoerde, maar veel scheelt het niet. Een verdere stijging hoeven we voorlopig niet te verwachten, want de komende dagen valt er maar een klein beetje regen in het stroomgebied en mogelijk blijft het de komende 10 dagen zelfs helemaal droog. De afvoer zal dan, gemiddeld over de dag, tussen 20 een 30 m3/s blijven schommelen. Voor eind juli hoeven we bij de Maas niet te rekenen op een wat grotere stijging
Nog een week droog; Rijn en Maas op weg naar uitzonderlijk laagwater
Het warme en droge weer houdt voorlopig nog aan en zowel de Rijn als de Maas gaan naar voor de tijd van het jaar uitzonderlijk lage waterstanden en afvoeren. Zo kan de Rijnafvoer dalen tot ca 700 m3/s (stand 6,6 m NAP) en de Maasafvoer tot 15 m3/s. In de tweede helft van de week wordt er voor het eerst weer wat neerslag verwacht in de stroomgebieden en dat kan enkele dagen later voor een lichte stijging zorgen. De Rijn kan dan weer enkele decimeters stijgen, de Maas mogelijk naar 50 m3/s. Voor de langere termijn ziet het er echter niet gunstig uit, want de kans is groot dat het na de dagen met buien opnieuw voor langere tijd droog wordt. In het waterbericht leest u de details.
De rubriek water Inzicht ontbreekt, maar in de berichten over Rijn en Maas wel wat extra informatie over de laagwatersituatie.
Water van de week
Eind van de week een kort wat natter intermezzo, verder langdurig droog
Het hogedrukgebied dat onze weer bepaalt is de afgelopen dagen wat naar het noorden geschoven en ligt nu tussen IJsland en Schotland. Deze positie van het hogedrukgebied zorgt over de stroomgebieden en Nederland voor een oostelijke luchtstroming waarin droge en warme lucht wordt aangevoerd. Boven de Golf van Biskaje is ondertussen een lagedrukgebied ontstaan dat de komende dagen langzaam over Frankrijk naar het noordoosten gaat trekken.
Dit lagedrukgebied gaat boven het westen van Europa voor een overgang zorgen naar een buiig weertype, maar het is allemaal nog wat onzeker hoeveel regen daarbij gaat vallen en waar het gaat vallen. Deze overgang is in de weermodellen al lange tijd zichtbaar, maar iedere keer als er een nieuwe verwachting wordt opgesteld, ziet het neerslagkaartje er wel weer flink anders uit. Het blijft dus onzeker waar de meeste neerslag gaat vallen en ook of het voldoende is om de extreem lage waterstanden in de Rijn naar de Maas weer een beetje op te tillen.
Vanaf dinsdag neemt de buiigheid het eerst toe in de Alpen en het uiterste zuiden van Duitsland en tot en met donderdag kan daar voldoende neerslag vallen om voor de Rijn een heel klein beetje extra water op te leveren. De dagen daarna verschuift de zone met de meeste buien meer naar het noorden en in het weekend komen ook de Ardennen en het Midden van Duitsland binnen het bereik te liggen. Vooral op zaterdag en zondag wordt daar aardig wat regen verwacht. Volgens de laatste verwachting blijft Nederland buiten het bereik van het lagedrukgebied en blijft het hier droog. Uiteraard kan deze verwachting nog veranderen en trekken de buien misschien nog wel wat verder naar het noorden.
De dagen daarna verdwijnt het lagedrukgebied en daarmee de kans op buien naar het oosten en lijkt opnieuw een langere droge periode aan te breken. Het hierboven genoemde hogedrukgebied zakt dan namelijk af, over de Atlantische Oceaan naar het zuiden en krijgt in de loop van de week na het volgend weekend een uitloper over midden Europa. Op de weerkaarten verschijnen dan ook wel weer lagedrukgebieden, maar die liggen ver noordelijk op de Atlantische Oceaan en de neerslagzones die daarbij horen, kunnen Nederland alleen in verzwakte vorm bereiken. Als er al regen valt is dat waarschijnlijk alleen in het noorden van Nederland; voor de stroomgebieden is de kans groot dat het de hele week na het volgend weekend droog blijft.
Samengevat deze week eerst warm tot zeer warm weer in Nederland en de stroomgebieden met vanaf het midden van de week toenemende kans op buien in de Alpen. Vanaf vrijdag schuift de buiigheid naar het noorden, met in het weekend aardig wat regen in een zone vooral zuidelijk van Nederland en in ons land blijft het dan droog. Na volgend weekend breekt in de stroomgebieden opnieuw en langere droge periode aan, die waarschijnlijk aanhoudt tot het laatste wekend van juli.
Rijn daalt naar ca 6,6 m NAP en een afvoer tussen 700 en 725 m3/s.
Het droge weer houdt nog bijna de hele week aan en de waterstanden van de Rijn blijven daarom dalen naar voor de tijd van het jaar extreem lage waarden. Aan het begin van de week veerde de waterstand bij Lobith een heel klein beetje op vanwege water dat, na regenval een week eerder in het zuiden van het stroomgebied, op weg was gegaan. De waterstand steeg bij Lobith ongeveer 30 cm van 7,05 naar 7,35 m NAP en de afvoer steeg vanaf 900 naar ca 1.050 m3/s.
Vanwege de aanhoudende droogte in een groot deel van het stroomgebied en de hoge temperaturen is de waterstand na dit kleine golfje weer snel gaan dalen met soms meer dan 10 cm per dag. Afgelopen nacht werd de 7 m NAP bij Lobith onderschreden en de komende dagen blijft de stand dalen met gemiddeld zo'n 7 cm per dag. Maandagochtend 13/7 verwacht ik een stand van 6,88 m NAP, dinsdag 6,78 m, woensdag 6,72 m, donderdag 6,67 m, vrijdag 6,63 m en op zaterdag 18/7 de voorlopig laagste stand van ca 6,6 m NAP.
De afvoer daalt van de huidige 875 m3/s eerst met ca 50 m3/s per dag, later afnemend naar ca 25 m3/s per dag en aan het eind van de week naar 15 m3/s. Op vrijdag en zaterdag zal de afvoer dan uitgekomen op ca 700 m3/s. Uitzonderlijk laag voor de maand juli want de laagste afvoer in deze maand sinds 1901 trad op in 1976 en bedroeg 780 m3/s. In de maand augustus is de afvoer recent al wel eens nog wat lager gezakt, dat was op 18 augustus 2022 toen 670 m3/s werd aangetikt voordat een stijging begon tot buiten het bereik van de zeer lage waterstanden. De laagste afvoer ooit werd in 1947 gemeten; in november van dat jaar zakte de afvoer tot 620 m3/s.
Bij een afvoer onder 1.000 m3/s wordt het steeds lastiger om het water in Nederland bij de gebruikers te krijgen. Dat het überhaupt mogelijk is om water over een groot gebied te verdelen hebben we te danken aan het feit dat een groot deel van Nederland onder de zeespiegel ligt en het peil in de rivieren altijd boven het zeeniveau ligt. Daardoor is het in het westen van ons land mogelijk om water uit de rivieren in te nemen en te verdelen over al de laaggelegen polders in dat deel van het land. In het deel van Nederland dat enkele meters boven de zeespiegel ligt (vnl Brabant, Gelderland, Overijssel en Drenthe) is dat niet mogelijk en deze gebieden zijn voor de watervoorziening grotendeels afhankelijk van het grondwater.
De mogelijkheid om water te onttrekken uit de rivieren is een groot voordeel want zo heb je het hele jaar door water ook als het langdurig droog is. Toch loopt ook dit systeem tegen zijn grenzen aan als de hoeveelheid rivierwater sterk terugloopt. We gebruiken het water namelijk niet alleen om het waterpeil in de kanalen en sloten op peil te houden en langs deze wegen agrarische gebieden van water te voorzien, maar we gebruiken het ook om het hele watersysteem permanent door te spoelen. In datzelfde westen van het land bevindt zich namelijk op veel plaatsen zout water in de ondergrond en er is zoet water nodig om de zogenaamde zoutlast die dat oplevert, continu weg te kunnen spoelen. Dat vraagt een veelvoud van de hoeveelheid water die er daadwerkelijk voor de gewassen nodig is.
Een ander onderdeel van het huidige watersysteem dat bij lage afvoeren en warmte tegen zijn grenzen aanloopt is het IJsselmeer. Dit lijkt een prachtige buffer en de watervoorraad is er enorm, maar we gebruiken daarvan doorgaans alleen de bovenste centimeters; omdat het niet gewenst is dat het waterpeil uitzakt. In feite gebruiken we alleen het dunne waterschijfje dat de IJssel iedere dag weer bovenop het wateroppervlak aanvoert. Op veel dagen is dat niet meer dan 2 cm en bij lage rivierafvoeren neemt dat af tot minder dan 1 cm.
Op de warme dagen die nu aanbreken verdampt er ook enorm veel water vanaf het meeroppervlak en gemiddeld over de dag is dat voor IJsselmeer en Markermeer samen ca 100 m3/s die in de lucht verdwijnt. In de loop van de komende week loopt de IJsselafvoer terug tot slechts 130 m3/s en dat betekent dat er veel te weinig water overblijft om de kanalen in de noordelijke provincies van water te voorzien. Deze meren samen nemen bij warm weer liefst zo’n 100 tot 150 m3/s in en die hoeveelheid is er komende week dus bij lange na niet.
Om hierop voorbereid te zijn is het peil enkele weken terug, toe er nog voldoende water werd aangevoerd, al 10 cm opgezet. Dat is voldoende om ca 10 dagen warme dagen tijdens een periode met lage afvoeren op te kunnen vangen. Het zal spannend worden of dat gaat lukken en anders zit er niets anders op dan het meerpeil wel iets te laten zakken. Zo heel veel gaat er dan niet mis, in het najaar wordt het peil namelijk sowieso altijd al 20 cm verlaagd.
Terug naar de verwachting voor de komende tijd. Uiteraard zijn de bovengenoemde verwachtingen voor Lobith met een marge van +/- enkele centimeters voor de dagelijkse waterstanden en +/- 10 m3/s voor de afvoer. Vanaf aanstaande dinsdag wordt de eerste regenval verwacht in het stroomgebied, maar dat is ver zuidelijk in de Alpen en dat water is zeker een week onderweg voordat het bij Lobith aankomt. Voor een stijging van de waterstanden moeten we vooral kijken naar hoe actief de buien worden die vanaf vrijdag t/m zondag in het oosten van Frankrijk en het midden van Duitsland gaan vallen.
Deze verwachting is op deze termijn nog onzeker, maar ik ga er wel vanuit dat het voldoende oplevert om de Rijn weer iets te laten stijgen. Het eerste water van de regen die op 17 en 18 juli in het centrale deel van het stroomgebied gaat vallen, arriveert vanaf de 20e juli bij Lobith. De waterstand gaat dan weer wat stijgen, maar een grote stijging lijkt het niet te gaan worden. Ik ga voorlopig uit van een stijging tot ca 7 m NAP op woensdag 22 juli. De afvoer zal dan weer gestegen zijn tot ca 900 m3/s. Pas in het volgend weekend nadat de eerste regen is gevallen, is er wat meer zekerheid over hoever de stijging werkelijk zal zijn.
Het ziet er nu naar uit dat het na deze 3 dagen met buien opnieuw voor wat langere tijd droog gaat worden en die droogte zou kunnen duren tot na het weekend van 25 en 26 juli. En vond zich dan waarschijnlijk een uitloper van een hogedrukgebied tot boven Centraal-Europa waardoor regen het stroomgebied van de Rijn opnieuw niet kan bereiken. Als dat uitkomt dan krijgt de laagwaterperiode van komende week in de week daarna een vervolg.
Mogelijk dat de de waterstand dan nog wat verder zakt dan in de komende week. Dit hangt onder andere af van de hoeveelheid regen die er aan het eind van deze week gaat vallen. Mocht dat weinig zijn dan is de kans groot dat de afvoer na het weekend nog verder daalt dan deze week, maar als er toch wat meer valt dan nu verwacht, is die kans weer wat kleiner. De komende dagen zullen we de verwachtingen nauwlettend in de gaten moeten houden om hier meer zekerheid over te kunnen krijgen.
Maas afvoer blijft de hele week erg laag: 15 tot 20 m3/s.
De Maasafvoer is de afgelopen week gedaald van ca 35 m3/s naar slechts 20 tot 25 m3/s op dit moment. Bij zo lage afvoeren is het afvoerverdrag tussen België en Nederland in werking, wat inhoudt dat de kanalen die in de grensregio water afnemen van de Maas de inname beperken. Het Belgische Albertkanaal (dat al voor Maastricht water aftapt) valt dan terug van ca 17 m3/s naar 10 m3/s. De ca 20 m3/s die op een dag als vandaag bij Maastricht Nederland binnenstroomt moet verdeeld worden over 2 kanalen en de Grensmaas.
In het Julianakanaal wordt dmv het terugpompen van water bij de sluizen geprobeerd om bijna helemaal geen water meer door te voeren. In de praktijk komt dat er nu op neer dat er dan nog ca 2 tot 3 m3/s doorstroomt, waar dat gewoonlijk ca 13 is. De inname bij de Zuid-Willemsvaart is op dit moment nog niet afgeschaald. Daar stroomt nog steeds ca 12 m3/s doorheen naar de (Belgische) Kempen, het oosten van Brabant en het midden van Limburg. Dat is niet volgens de afspraak uit het verdrag, want daarin zou dit kanaal nu ook al flink moeten minderen om te voorkomen dat de Grensmaas minder dan 10 m3/s water ontvangt.
Dit is om het risico op te grote schade aan de vispopulaties van het N2000-gebied Grensmaas en waterkwaliteitsproblemen in het ondiepe water te voorkomen. Omdat de Zuid-Willemsvaart nu te veel water onttrekt, is de afvoer in de Grensmaas teruggevallen tot slechts ca 5 m3/s, de helft van de afspraak. Volgens het verdrag kan het ook nodig zijn om de toestroom naar de Grensmaas te korten, maar dat is pas als de afvoer in de Maas bij Luik tot onder de 30 m3/s zakt en daar was deze week nog geen sprake van.
De komende dagen kan dat trouwens wel gebeuren, want het blijft nog droog in het stroomgebied tot het eind van de week. Pas op vrijdag en zaterdag wordt er regen verwacht en tot die tijd kan de afvoer bij Maastricht nog wat verder dalen tot tussen de 15 en 20 m3/s. Heel veel regen wordt er komend weekend voorlopig ook niet verwacht, maar een kleine opleving tot wellicht 50 m3/s gedurende enkele dagen is dan wel mogelijk. Vanaf dinsdag na het volgend weekend wordt het zeer waarschijnlijk weer voor langere tijd droog. De afvoer gaat dan opnieuw dalen en de kans is groot dat dan opnieuw de 20 m3/s wordt bereikt bij Maastricht.
Laagwaterbericht, op weg naar de laagste stand ooit in juli gemeten
De droogte houdt nog zeker 10 dagen aan en de Rijnafvoer daalt naar tussen 725 en 750 m3/s en een waterstand bij Lobith tussen 6,6 en 6,7 m NAP. Standen die nog nooit zijn voorgekomen in deze tijd van het jaar.
De afgelopen dagen passeerde een heel klein beetje extra water bij Lobith afkomstig van regenval uit het zuiden van het stroomgebied ruim een week geleden. De afvoer, die eerder tot 920 m3/s was gezakt, steeg even tot boven de 1.000 m3/s en de waterstand steeg ca 30 cm en bleef net onder de 7,4 m NAP. Gemiddeld bedraagt de Rijnafvoer in deze tijd van het jaar ongeveer 2.100 m3/s, dus stroomt nu minder dan de helft van de normale hoeveelheid via de Rijn ons land binnen.
De komende dagen neemt die hoeveelheid verder af en uiteindelijk verwacht ik dat ed afvoer uitkomt rond de 750 m3/s over een dag of 10. De waterstand bij Lobith is dan gezakt tot ca 6,65 m NAP, dus nog ca 70 cm lager dan vanmorgen. Voor de functies die van het water afhankelijk zijn, is dat zorgwekkend weinig, want voor een goed functioneren van het Nederlandse watersysteem midden in de zomer is ongeveer het dubbele nodig. Die waarde zullen we voorlopig zeker niet gaan halen.
Toch is er mogelijk wel een (voorlopig bescheiden) verandering op komst want het hogedrukgebied dat al wekenlang het weer in onze omgeving bepaalt gaat plaats maken voor kleine lagedrukgebieden die over Frankrijk naar het oosten en noorden gaan trekken. Zij zorgen voor een toename in de buienactiviteit en dat kan lokaal flink wat water opleveren. De eerste regen kan gaan vallen op 14 en 15 juli; in het oosten van Frankrijk en de Alpen. Deze neerslag zit al enige tijd in de verwachting, dus is de kans vrij groot dat het van gaat komen. De hoeveelheden zijn echter nog erg klein en hoogstens levert het een stabilisatie op van de daling van de Bovenrijn in Zuid-Duitsland.
Een paar dagen later, voor 18 t/m 20 juli, wordt meer regen verwacht en dat zou dan ook meer in Midden-Duitsland kunnen vallen. Voor de situatie in Nederland is dat positief, want dat water is al binnen 3 dagen in Nederland. Deze regenval is echter nog niet zeker, want 10 dagen vooruit veranderen de verwachtingen vaak nog en het kan dus nog anders uitpakken. De enige strohalm is dat deze omslag al enige dagen in de verwachting zichtbaar is en dat geeft wat meer zekerheid dat er dan ook echt iets gaat veranderen.
Wat de verwachting voor de Rijn betreft, ga ik uit van een vrij snelle daling in de komende dagen met eerst zo’n 10 tot 15 cm per dag. Op zaterdag 11 juli wordt dan de 7 m NAP onderschreden bij Lobith, zondag 12/7 de 6,9 m en op dinsdag 14/7 de 6,8 m NAP. De afvoer zakt op 9/7 onder de 1.000 m3/s, op 11/7 onder de 900 m3/s en bereikt op 13 of 14/7 de 800 m3/s. Vanaf dinsdag 14/7 vertraagt de daling naar zo’n 5 cm per dag, later nog verder afnemend tot 3 cm/dag. De afvoer neemt dan ook minder snel af met 15, later 10 m3/s per dag.
Als er inderdaad vanaf 18 juli regen gaat vallen in het stroomgebied, dan zou op 19 of 20 juli de laagste stand bereikt bij Lobith moeten worden. Ik verwacht dan een stand tussen de 6,6 en 6,7 m NAP en een afvoer tussen de 725 en 750 m3/s.
Dit zijn uitzonderlijk lage standen en in deze tijd van het jaar is dat nog nooit gebeurd. Tot nu toe was 1976 het jaar met de laagste afvoer in juli en die bedroeg toen 785 m3/s. Recent daalde de afvoer in de zomer va 2022 nog wat verder, tot 680 m3/s, maar dat was in de tweede helft van die maand. In 2018 was de afvoer ook heel laag en zakte toen tot 730 m3/s, maar dat was eind oktober en in die tijd van het jaar is laagwater minder uitzonderlijk.
In het najaar vinden we ook de twee jaren dat de afvoer bij Lobith het laagste is geweest; dat was in 1947 met een afvoer van 620 m3/s en in 1949 met 645 m3/s, beide in november. Omgerekend in de waterstand bij Lobith komt dat neer op een stand van 6,25 m NAP, dus nog 40 cm lager dan waar we nu op afstevenen.
Komend weekend kunt u weer een volgend bericht verwachten, of er moet zich ineens een grote verandering in de weersverwachting aandienen, dan volgt een volgend extra bericht.
Droog zomerweer weet voorlopig niet van wijken, extreem lage waterstanden
De hele komende week blijft het droog en later gaan de temperaturen opnieuw in de lift naar tropische waarden. Bij gebrek aan regen blijven de rivieren voorlopig op een zeer laag peil. Een klein lichtpuntje is het beetje extra water dat in de Rijn vanuit het zuiden van het stroomgebied onderweg is. De stand zal daardoor eerst een klein beetje stijgen, voordat aan het einde van komende week opnieuw een daling inzet naar extreem lage afvoeren. Een overgang naar een natter weertype is voorlopig nog niet in zicht. In het water bericht leest u de details.
In de rubriek Water Inzicht een overzicht van de aanhoudende droogte in vooral Zuid-Duitsland en Zwitserland. Deze begon al in de winter en laat de Rijnafvoer nu dalen naar een historisch lage stand voor de tijd van het jaar.
Water van de week
Hogedrukgebieden bepalen voorlopig het weer.
Een uitloper van het Azoren-hogedrukgebied bepaalt voorlopig het weer in onze omgeving. De afgelopen dagen lag deze uitloper westelijk van ons waardoor er met een westelijke tot noordwestelijke stroming wat minder warme lucht werd aangevoerd. Komende dagen schuift deze uitloper wat naar het oosten en vormt zich waarschijnlijk ten noorden van onze omgeving een aparte kern van hoge druk. De wind draait dan naar het oosten waardoor het opnieuw warm tot zeer warm kan worden.
Al die tijd blijft het droog en zeker in combinatie met de hoge temperaturen en de sterke verdamping die dan optreedt, neemt het neerslagtekort de komende week sterk toe. In de stroomgebieden is het ook al lange tijd droog; vooral het zuidelijk deel van het stroomgebied van de Rijn maakt een lange zeer droge periode mee. In het begin van de afgelopen week werd dat even onderbroken door wat regen, wat een paar honderd m3/s extra water opleverde in de Rijn. Sinds de uitloper van het hogedrukgebied zich heeft ontwikkeld is het echter weer droog geworden in West-Europa en voorlopig blijft dat zo. Hoogstens valt er een enkele bui in de Alpen, maar dat zal nauwelijks extra water opleveren voor de Rijn.
In het begin van de week na het volgende weekend kan zich boven de Golf van Biskaje een lagedrukgebied vormen dat in de dagen daarna over Frankrijk naar het noordoosten trekt. In combinatie met de zeer warme lucht, die zich dan boven het Europese continent bevindt, kan dit een buiig weertype opleveren dat zorgt voor een onderbreking van de droogte. De eerste serieuze neerslagsignalen zien we echter pas op de weerkaarten voor 15 en 16 juli. Wat daarbij opvalt is dat volgens het Europese weermodel de buiigheid dan meerdere dagen aan zou kunnen houden, met alles bij elkaar ook flinke neerslagsommen.
Mogelijk is het model dus een serieuzere weersverandering op het spoor. Maar voorlopig is dit is nog ruim 10 dagen vooruit, dus het kan zeker nog veranderen en er staan ons voorlopig eerst nog 10 droge warme, en later zeer warme dagen, te wachten.
Rijn stijgt een heel klein beetje om daarna flink te gaan dalen naar een record lage stand rond 15 juli.
De Rijn bereikte midden afgelopen week zijn voorlopig laagste stand van ca 7,03 m NAP bij Lobith. De afvoer was toen gezakt tot ongeveer 920 m3/s. Dankzij de regen van vorig weekend en de dagen daarna, steeg de afvoer vanaf het eind van de week weer een heel klein beetje tot net iets onder de 1.000 m3/s op dit moment en de stand steeg ca 15 cm naar 7,2 m NAP. Vanuit het zuiden van het stroomgebied is nog wat meer water onderweg waardoor de stand kan de komende dagen nog een ietsje meer kan stijgen naar ca 7,4 m NAP. De afvoer bedraagt dan 1.050 m3/s op dinsdag, waarna de daling weer inzet.
Inmiddels hebben we de maand juni achter ons gelaten en de gemiddelde afvoer over de hele maand bedroeg voor de Rijn slechts 1.150 m3/s. Dat is maar 50% van wat de Rijn in juni gewoonlijk naar Nederland afvoert. Alleen in 1934 was de gemiddelde afvoer met iets minder dan 1.000 m3/s in juni nog lager. In het ook zeer droge jaar 1976 bedroeg de gemiddelde afvoer in juni 1.272 m3/s. Een meer recent jaar met een ook zeer lage juni-afvoer was 2011, toen bedroeg de gemiddelde afvoer 1.285 m3/s. In dat jaar ging de afvoer in juli weer stijgen zodat later in de zomer geen heel lage afvoeren meer voorkwamen. In 1976 steeg de afvoer ook in juli, maar ging zij daarna weer flink omlaag.
De kans dat er ook dit jaar in juli een stijging volgt, is voorlopig zeer klein. De komende dagen gaat de waterstand wel een heel klein beetje omhoog, maar vanaf dinsdag alweer dalen en omdat het de hele week en het begin van de week daarna droog blijft, wordt het een daling van zeker 10 dagen lang. Op donderdag 9 juli verwacht ik dat de 1.000 m3/s weer onderschreden wordt en iedere dag gaat er daarna zo'n 30 tot 40 m3/s van de afvoer af zodat op zondag 12/7 de 900 m3/s wordt onderschreden. De waterstand bedraagt dan 7 m NAP. Ook daarna zet de daling nog door en rond 15 juli verwacht ik een stand tussen 6,85 en 6,9 m NAP bij een afvoer van ca 825 m3/s.
Het afvoerverloop lijkt de komende 2 weken veel op dat van 1976, toen de afvoer ook in de eerste twee weken van juli sterk daalde (toen was er trouwens ook net een hittegolf). In dat jaar werd de laagste waarde bereikt op 11 juli met een laagste afvoer van 780 m3/s, dus nog net iets lager. In de twee weken daarna zou de afvoer in 1976 weer snel stijgen naar ruim 1.700 m3/s op 1 augustus. Dat was toen een welkome verrassing na de langdurige droogte van eerder dat jaar.
Het is nu nog niet duidelijk wat de Rijn dit jaar gaat doen na 15 juli als de afvoer tot net boven de 800 m3/s. De weermodellen laten een overgang zien naar natter weer en mocht dat uitkomen dan kan de afvoer vanaf ca 18 juli weer gaan stijgen. Maar voorlopig is dat te ver vooruit in de tijd om dat met zekerheid te kunnen zeggen.
Maasafvoer daalt naar slechts 25 tot 30 m3/s.
In het stroomgebied van de Maas viel aan het begin van de afgelopen week maar weinig neerslag en de afvoer is daardoor de hele week langzaam verder gedaald en bedraagt nu bij Maastricht nog slechts 35 m3/s. Dat is zeer laag voor de tijd van het jaar, maar niet helemaal uniek, want de Maas heeft maar 2 of 3 droge maanden na elkaar nodig om ver uit te zakken.
We zien dat ook terug in de gemiddelde afvoer over de maand juni: die bedroeg bij Maastricht ongeveer 70 m3/s en dat is maar ongeveer 50% van het langjarig gemiddelde. Hierboven we zagen we dat de Rijn ook maar 50% van het gemiddelde afvoerde, maar terwijl er bij de Rijn maar één jaar was met een nog lagere gemiddelde afvoer, waren dat er bij de Maas maar liefst 18. De meest uitzonderlijke zijn 1976 met een gemiddelde afvoer van ca 25 m3/s op enige afstand gevolgd door 2017, 1974 en 1964 met een afvoer van ca 40 m3/s. De komende week tot 10 dagen gaat de afvoer bij Maastricht verder dalen om in de buurt te komen van voor de tijd van het jaar extreem lage afvoeren van slechts 25 tot 30 m3/s.
De afvoer is dan zo laag dat het water zorgvuldig moet worden verdeeld over de Belgische en Nederlandse kanalen die nabij Maastricht water van de Maas afnemen. Hiervoor zijn in het verleden al afspraken gemaakt tussen beide landen in het zogenaamde Maasafvoerverdrag. Het houdt in dat er minder water via het Albertkanaal naar het Westen van België wordt afgevoerd en dat in het Julianakanaal pompen worden ingezet om de scheepvaartsluizen van water te voorzien. Uiteindelijk blijft er dan ca 10 m3/s over voor de Grensmaas die een minimale hoeveelheid nodig heeft om te grote schade aan de natuur van het snelstromende water te voorkomen.
Hoe lang deze periode van extreem laag water gaat aanhouden is nu nog niet te zeggen. Mogelijk dat en vanaf 15 juli weer regen kan gaan vallen in het stroomgebied. Maar voorlopig is het nog wat te vroeg om daar al met enige zekerheid iets over te kunnen zeggen.
Water Inzicht
Laagwater in de Rijn veroorzaakt door droogte die al in afgelopen winter is begonnen.
In de afgelopen waterberichten heb ik al vaak geschreven over de zeer lage waterstanden die de Rijn momenteel meemaakt. Niet dat het laagterecord binnenkort verbroken wordt, maar het is vooral de periode in het jaar die bijzonder is dat deze lage standen optreden. Gewoonlijk heeft de Rijn namelijk in het begin van de zomer nog een relatief hoge afvoer. Zo bedraagt het langjarig gemiddelde voor de afvoer in juni circa 2.250 m3/s en in juli 2.050 m3/s. Dat is voor beide maanden in de buurt van gemiddelde voor het hele jaar. Gewoonlijk daalt de Rijnafvoer pas in de tweede helft van de zomer naar steeds lagere waarden en wordt de laagste stand begin oktober bereikt. In zeer droge jaren ligt dat moment vaak nog wat later en de laagterecords vinden we in de meetreeks daarom pas terug in november.
De huidige droogteperiode valt op omdat deze al in de afgelopen winter is begonnen. De maanden december en januari waren al droog in een groot deel van het stroomgebied en nadat februari wel wat natter verliep is het daarna nu alweer 4 maanden droog tot zeer droog. De twee volgende figuren laten het tekort aan neerslag zien voor de eerste 6 maanden van dit jaar weergegeven in Zuid-Duitsland en Zwitserland. De grens van het stroomgebied van de Rijn is met een rode lijn aangegeven.
Neerslag Duitsland jan-jun 26.jpg

Neerslag Zwitserland jan-jun 26.jpg

In bijna alle kaartjes overheersen de bruine kleuren wat wijst op een neerslagtekort van zo'n 30 tot 80%. Alleen in februari viel er meer neerslag dan gemiddeld, met in de omgeving van Stuttgart zelfs meer dan het dubbele. Maar er waren toen ook al drogere gebieden, zoals het Sauerland, wat normaal altijd wel profiteert van een natte periode. Deze regen leverde begin maart een klein hoogwatertje op in de Rijn, maar daarna werd het al snel weer droog.
Maart verliep alweer droog, maar vooral april spande de kroon; met gebieden waar de hele maand lang vrijwel geen neerslag viel. In mei veranderde het weerpatroon enigszins en dit leverde vooral in het noorden van het stroomgebied meer neerslag op. Voor de Rijn is dat echter maar een klein deel van het stroomgebied en al met al leverde dit te weinig water op om de afvoer naar die gemiddelde waarden te laten stijgen. In juni werd het overal weer droog met ook nu de minste neerslag in het zuiden van Duitsland en ook in Zwitserland bleef het lang droog. Pas in de laatste dagen vielen er daar stevige buien, zodat de kleuren in het kaartje wat minder extreem werden.
Uit vroegere laagwaterperioden weten we dat de Rijn meestal pas zeer lage afvoeren bereikt als het meer dan 4 tot 6 maanden erg droog is geweest in het stroomgebied. De zeer lage standen die in het verleden meestal in oktober en november werden bereikt, werden dan steeds voorafgegaan door een droge periode die in de zomer was begonnen.
Dit jaar verliep dus anders want nu begon de droge periode niet in de zomer, maar al in de winter en op een kleine onderbreking na, duurt deze met name in het zuiden van het stroomgebied nu al 8 maanden. De volgende grafiek met de maandtotalen van de neerslag van een meetstation op de Feldberg in het Zwarte Woud laat dit goed zien. De hogere delen van dit gebergte vangen gewoonlijk in alle maanden van het jaar veel regen op en daarmee is het een belangrijke bron voor de Rijn.
Schermafbeelding 2026-07-05 om 13.06.55.png

Al sinds november is hier echter, op februari na met een ongeveer gemiddelde hoeveelheid, veel minder neerslag gevallen dan normaal. Buiten februari om viel er slechts 35% van de normale hoeveelheid. Een zo langdurige droogte in het stroomgebied is best wel bijzonder want vooral de laatste jaren waren juist de winters vaak natter en bleef de droogte beperkt tot het voorjaar en de zomer. Er zijn in het verleden wel enkele jaren geweest die op het huidige jaar leken, zoals onder andere 1976 en 2011 met ook toen lage Rijnafvoeren aan het begin van de zomer. In 1976 hield deze droogte ook in de zomer nog aan, maar in 2011 sloeg het weer in de tweede helft van juni om.
Dit jaar lijkt tot nu toe wat de Rijnafvoeren betreft, in de voetsporen van 1976 te willen gaan treden. Maar er is wel een belangrijk verschil en dat is dat het toen ook in Nederland heel droog was. Dit jaar viel dat, op de maand april na, mee. Net als in Noord-Duitsland, wat we hierboven op de neerslagkaartjes zagen voor mei en juni is er ook in Nederland toen vrij veel neerslag gevallen. Daarom valt het tot nu toe in ons land met de droogte en het neerslagtekort nog wel mee en is dit jaar wat dat betreft minder extreem dan in 1976.
De komende 10 dagen gaat het neerslagtekort in Nederland echter ook flink stijgen omdat het langdurig droog wordt en ook nog eens zeer warm. De Rijnafvoer daalt ondertussen en de Maasafvoer was al laag en blijft erg laag. We zullen zorgvuldig om moeten gaan met het water in de komende twee weken, maar wellicht dat er vanaf 15 juli weer een nattere periode aanbreekt; dus het is te overzien.
Vanwege de uitzonderlijk lage waterstanden zal ik halverwege de week weer een extra laagwaterbericht opstellen.
Laagwaterbericht
De Rijn bereikte vanmorgen zijn (voorlopig) laagste stand van net boven de 7 m NAP; 7,03 m om precies te zijn. De afvoer daarbij bedroeg slechts 905 m3/s en dat is uitzonderlijk laag voor de tijd van het jaar. Het langjarig gemiddelde bedraagt namelijk ruim 2.000 m3/s voor begin juli.
Het waterbeheer in Nederland moet nu alle zeilen bijzetten om de gebruikers van voldoende water te voorzien. Een prettige bijkomstigheid is dat er in juni op veel plaatsen voldoende regen is gevallen, zodat de watervraag niet zeer hoog is.
Ook in Duitsland en Zwitserland viel de afgelopen dagen aardig wat regen. Zelfs nog wat meer dan waar het zondag naar uitzag. Dat betekent dat de Rijn de komende dagen nog wat verder kan stijgen dan de 7,3 m NAP die ik zondag nog verwachtte. Vanuit uit het zuiden van Duitsland is het meeste extra water onderweg, dus we moeten er wel even op wachten.
Vandaag en morgen stijgt de stand al iets naar ca 7,15 m NAP (afvoer ca 950 m3/s) en vanaf zaterdag volgt dan een verdere stijging naar ca 7,5 m NAP (afvoer tussen 1.100 en 1.150 m3/s) op dinsdag 7/7 na het komend weekend. Daarna gaan waterstand en afvoer weer dalen.
In het stroomgebied van de Maas viel de afgelopen dagen weinig regen en de Maasafvoer is nu tot onder de 40 m3/s gezakt en blijft voorlopig erg laag.
De weersverwachting heeft weinig regen in het verschiet voor de komende week tot 10 dagen. Alleen medio volgende week zijn er wat neerslagsignalen, maar voorlopig lijken die niet veel extra water op te gaan leveren voor de rivieren. Mijn verwachting is daarom dat de Rijn vanaf medio volgende week weer gestaag gaat dalen en zoals het er nu naar uitziet zou de stand nog wel eens verder weg kunnen zakken dan ze de afgelopen dagen deed.
Op 10 of 11 juli kan de afvoer weer onder 1.000 m3/s kunnen zaken en rond 13 juli zou de afvoer de 900 m3/s kunnen bereiken. De stand bedraagt dan nog maar 7,1 m NAP en het is niet onwaarschijnlijk dat kort daarna ook de 7 m NAP wordt onderschreden. Of het weer moet een verrassing in petto hebben, maar daar ziet het voorlopig nog niet naar uit.